Boek
Vooral sinds de opkomst van Fortuyn houdt de tegenstelling tussen publieke managers en professionals de gemoederen bezig. Managers van uitvoerende overheidsdiensten als het UWV, leidinggevenden bij de politie, bestuurders en 'divisiemanagers' van zorginstellingen, en procesmanagers in het onderwijs zouden professionals op werkvloeren - politieagenten, artsen, onderwijzers - beklemmen, degraderen en demotiveren. Door hun behoefte om te groeien, door hun nadruk op transparantie en registratie, en hun preoccupatie met efficiency en 'targets' zouden managers allerlei problemen op werkvloeren veroorzaken, en schuldig zijn aan kwaliteitsverlies bij publieke dienstverlening. Voor velen is de oplossing inmiddels: 'weg met de managers'. In dit boek worden deze aantijgingen kritisch tegen het licht gehouden. Betoogd zal worden dat er rond publieke dienstverlening inderdaad 'veel aan de hand is', maar ook dat managers dat niet zomaar aangerekend kan worden. Nieuwe maatschappelijke opgaven die zich tijdens en rond dienstverlening voordoen - veeleisende cliënten, nieuwe technologieën, betwiste kennis, mediadruk - gaan professionals te boven, en vragen juist om managers. In plaats van de simpele post-Fortuynvoorstelling van politici die goede beslissingen nemen en professionals die dan kwaliteit leveren, en niets daar 'tussen', zijn goede publieke managers nodig die tussen politiek en professionals maatschappelijke opgaven aangaan. Dat vereist wel specifieke capaciteiten, want het zakelijke management en de steriele MBA-taal waarop veel publieke managers leunen, schieten tekort. «
Boeklezers.nl is een netwerk voor sociaal lezen. Wij helpen lezers nieuwe boeken en schrijvers ontdekken, en brengen lezers met elkaar en schrijvers in contact. Meer lezen »
Er zijn nog geen recensies voor dit boek.